Valpreventie

Vallen is een veel voorkomende oorzaak van het ontstaan van bijvoorbeeld botbreuken. Het gevolg hiervan kan zijn dat vitaal zijn en zelfstandig wonen minder makkelijk wordt. Terwijl dit voor iedereen, zowel lichamelijk als geestelijk, van groot belang is.

Helaas wordt bij het ouder worden de kans groter op vallen. Het hoeft niet zo te zijn dat u direct valt, maar dat er kenmerken zijn die er op kunnen wijzen dat de spierkracht afneemt die de kans op vallen vergroot. Een voorbeeld is dat het opstaan uit een stoel wat lastiger wordt of dat u zo nu en dan eens uw evenwicht verliest.

In Zeist is een oefenprogramma opgezet om het risico op vallen te verkleinen. Door middel van training en voeding wordt gewerkt aan het verkrijgen en behouden van spierkracht en evenwicht. Ook wordt gekeken naar veiligheid in en rondom het huis. Door deze aanpak kan het vertrouwen terug gevonden worden om de dagelijkse activiteiten met meer zekerheid uit te voeren en om zo letterlijk ‘steviger in de schoenen te staan’. In dit oefenprogramma werken huisarts, fysiotherapeut, ergotherapeut en diëtist nauw met elkaar samen. Het oefenprogramma is dan ook op maat gemaakt en vindt bij u thuis plaats.

De rol van de diëtist is het beoordelen van de voedingstoestand. Het gebruik van een ongezonde of onvolwaardige voeding kan onderdeel zijn van het verliezen van spierkracht en welbevinden, tevens kan het vermoeidheid in de hand werken. Maar het kan tevens de wens om meer spierkracht te verwerven tegenhouden. Daarnaast kan gewicht verliezen, met name ongewenst gewicht verliezen, een risico vormen. Door gewichtsafname verliest u snel spiermassa en kunt u vermoeid worden, waardoor het risico op vallen groter wordt.

Binnen het project staat u centraal en wordt samen met u uw behoefte zo goed mogelijk in kaart gebracht. Hierdoor kan de juiste hulp worden ingezet waardoor u weer in uw kracht kunt komen!

 

Met ingang van 25 mei is de AVG, de Algemene Verordening Gegevensbescherming, van kracht

Diëtistenpraktijk Zeist gaat altijd al zorgvuldig om met uw gegevens. Met ingang van 25 mei 2018 is de AVG, de Algemene Verordening Gegevensbescherming, van kracht. Lees meer hierover in onze privacyverklaring:

Privacyverklaring Diëtistenpraktijk Zeist

Diëtistenpraktijk Zeist gaat zorgvuldig en vertrouwelijk om met uw persoonsgegevens. Dat is vastgelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) en met ingang van 25 mei 2018 is dat de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).     Als u gebruik maakt van diensten van Diëtistenpraktijk Zeist dan hebben wij gegevens van u nodig. Die verstrekt u bijvoorbeeld via de telefoon bij het maken van een afspraak of via het contact met de diëtist of via de mail. Denk hierbij aan:

  • Naam
  • Geboortedatum
  • Adresgegevens
  • BSN
  • Telefoonnummer / mobiel nummer
  • Gegevens zorgverzekering (naam, polisnummer)
  • E-mailadres
  • Bepaalde, ter zake doende, medische gegevens

Waarom is dat nodig?

Diëtistenpraktijk Zeist heeft uw persoonsgegevens nodig voor het uitvoeren van haar werkzaamheden om u persoonlijk dieetadvies te kunnen geven en om deze vervolgens aan u te verstrekken.  In sommige gevallen gaat het om zogenaamde ‘bijzondere’ en/of ‘gevoelige persoonsgegevens’ van u. Dat doen wij alleen als daarvoor noodzaak bestaat met betrekking tot uw behandeling. Uw persoonsgegevens worden nooit gebruikt voor commerciële doeleinden.

Hoe lang bewaren wij uw gegevens?

Diëtistenpraktijk Zeist bewaart uw persoonsgegevens 15 jaar na beëindiging van de dieetbehandeling; dit is een verplichting volgens de Wet op de Geneeskundige Behandelovereenkomst.

Delen met anderen  

Diëtistenpraktijk Zeist zal uw gegevens, indien noodzakelijk en met uw instemming, verstrekken aan andere zorgverleners uitsluitend voor behandeldoeleinden, zoals in rapportage aan uw verwijzer of bij overdracht naar andere instelling bij opname. Diëtistenpraktijk Zeist heeft met andere zorgverleners overeenkomsten voor een beveiligde gegevensoverdracht. Diëtistenpraktijk Zeist zal uw gegevens uitsluitend verstrekken aan een gecertificeerde ICT-hosting-organisatie voor veilig beheer en opslag van uw gegevens. Met deze organisatie heeft Diëtistenpraktijk Zeist een overeenkomst om te zorgen voor een standaard niveau van beveiliging en vertrouwelijkheid voor dit soort gegevens. Diëtistenpraktijk Zeist blijft verantwoordelijk voor de verwerking van uw persoonsgegevens.

Gegevens inzien, aanpassen en verwijderen

U hebt het recht om uw persoonsgegevens in te zien, te (laten) corrigeren of te (laten) verwijderen. U kunt een verzoek tot inzage, correctie of verwijdering sturen naar info@dietistenpraktijkzeist.nl. Er zal dan een afspraak worden gemaakt, omdat hiervoor altijd legitimatie noodzakelijk is om aan te tonen dat het om uw persoonsgegevens gaat. 

Beveiliging

Diëtistenpraktijk Zeist neemt de bescherming van uw gegevens serieus en neemt hiervoor passende maatregelen om misbruik, verlies, onbevoegde toegang, ongewenste openbaarmaking en ongeoorloofde wijziging tegen te gaan.  Hebt u desondanks de indruk dat uw gegevens onvoldoende beveiligd zijn, uw gegevens onjuist bewaard worden of zonder uw toestemming worden verwerkt of gedeeld, neem dan contact met ons op via tel.030 6925717 of via email info@dietistenpraktijkzeist.nl of neem contact op met uw behandelend diëtist via email met esther@dietistenpraktijkzeist.nl , marielle@dietistenpraktijkzeist.nl, ineke@dietistenpraktijkzeist.nl .

Meer informatie

Als u vragen hebt over het gebruik van uw persoonsgegevens door Diëtistenpraktijk Zeist kunt u contact opnemen met onze privacy medewerker via tel.030 6925717 of via email info@dietistenpraktijkzeist.nl.

Voor meer informatie over privacy kunt u de website van de Autoriteit Persoonsgegevens raadplegen.

Kaas en de invloed op het risico van hart- en vaatziekten!

Nederlanders zijn echte kaasliefhebbers! In 2016 aten we bijna 60 gram kaas per persoon per dag. Kaas bevat gunstige voedingsstoffen zoals calcium, magnesium, zink, vitamine A, vitamine B2, B12 en eiwitten, maar ook verzadigd vet. Dat verzadigde vet laat het slechte cholesterol(LDL) stijgen. Dit slechte cholesterol verhoogt de kans op hart- en vaatziekten. Maar onlangs verschenen wetenschappelijke onderzoeken laten zien dat het eten van kaas het risico op hart- en vaatziekten juist verlaagt.

Uit meerdere wetenschappelijke onderzoeken is al gebleken dat het verzadigd vet uit vlees het risico op hart en vaatziekten verhoogt of niet beïnvloedt en het verzadigd vet uit zuivel het risico juist verlaagt.

Een gecombineerde analyse van verschillende wetenschappelijke studies laat zien dat de consumptie van kaas geassocieerd is met een 10-14% lager risico op hart- en vaatziekten en beroerte. Hierbij is interessant dat er een verschil is tussen mannen en vrouwen. Alleen bij vrouwen wordt namelijk een verlaagd risico gevonden. Bij mannen is er niet een beduidend verschil aangetoond! Maar er kunnen ook andere factoren meespelen. Misschien eten vrouwen meer kaas met een lager vetgehalte of de vrouwelijke hormonen of genen kunnen van invloed zijn. Het laagste risico wordt gevonden bij 40 gram kaas per dag. In geen enkel onderzoek wordt een verhoogd risico gevonden.

Er zijn een aantal mogelijke verklaringen voor dit beschermende effect:

  • Kaas is een goede bron van vitamines en mineralen die mogelijk beschermen tegen hart- en vaatziekten. Bijvoorbeeld de calcium uit voeding wordt geassocieerd met een verlaagd risico op beroerte en hart- en vaatziekten.
  • Een andere verklaring is dat een bepaald vetzuur(CLA) dat in kaas zit het proces van aderverkalking remt en andere ontstekingsbevorderende processen en stoffen laat dalen.De conclusie uit wetenschappelijke studies is dat de consumptie van kaas het risico op hart- en vaatziekten verlaagt, met name bij vrouwen.

Bron: Voedingsmagazine nummer 4 2017, p.20

‘n Nieuw gezicht in de praktijk, Marielle

Per 1 januari 2018 heeft Cecile Teuwen-van Eijndhoven haar werk als diëtist neergelegd en gaat genieten van haar pensioen.

Ik, Marielle Zuidgeest, volg Cecile op binnen Diëtistenpraktijk Zeist. Hiertoe ben ik in oktober 2017 gestart om de praktijk, de collega’s, de verwijzers en een groot deel van de cliënten te leren kennen. In deze periode heb ik kunnen zien en meemaken wat een leuke maar met name professionele, gemotiveerde en gepassioneerde diëtisten er binnen de praktijk werkzaam zijn. Voor mij een voorrecht om hiervan deel uit te gaan maken.

Meer over mij

Mijn naam is Marielle Zuidgeest, ik ben getrouwd en wij hebben een zoon van 10 jaar. Ik houd van sporten, lekker eten, koken, bakken en het lezen van een goed boek.

In 1995 ben ik afgestudeerd als diëtist aan de Haagse Hogeschool. Ik ben begonnen als thuiszorg diëtist waarna ik in 2005 een eigen praktijk heb opgezet binnen een huisartsenpraktijk, waarbij ik 8 jaar nauw heb samengewerkt met huisartsen, praktijkondersteuners, fysiotherapeuten, andere disciplines.

Na een uitstapje van enkele jaren naar het buitenland is voor mij de tijd weer aangebroken om in een nieuw avontuur te stappen welke mij is geboden binnen Diëtistenpraktijk Zeist.

Waarom Voeding en Diëtetiek

Ik vind voeding een fascinerend onderdeel van de ‘geneeskunde’. Als diëtisten weten we al lang dat voeding preventief een belangrijke rol speelt bij het bevorderen van gezondheid en dat het daarnaast ook bijdrage kan leveren aan herstel bij ziekte en gezondheid. Gelukkig zien we dat steeds meer mensen, maar ook verwijzers deze wetenschap omarmen en gebruik maken van de expertise van de diëtist.

Wat het vak verder interessant maakt is dat voeding altijd in beweging is. Het lijkt de afgelopen jaren wel meer in beweging te zijn dan ooit tevoren! Zowel de inzichten als de informatie voorzieningen veranderen en hebben grote invloed op keuzes die gemaakt worden. Echter is dit allemaal wel zo positief en kan/wordt op basis van al deze informatie ook de juiste keuze gemaakt?

Het is mijn uitdaging om u in de ‘jungle’ van alle informatie, meningen, wetenschappelijke onderzoeken, dieet goeroes etc. helderheid te verschaffen en bovenal te laten zien dat voeding iets persoonlijks is. Wat bij de een gezond is, kan bij de ander juist de gezondheid in gevaar brengen. Een voedings- of een dieetadvies is dan ook niet een hap-klaar stukje, het is maatwerk waarbij zowel de adviezen als coaching in verandering van leefstijl en eetgewoonten dienen aan te sluiten bij het individu. Als diëtisten kunnen en willen wij u daar graag bij op weg helpen en in begeleiden.

Ervaring en interesses

Omdat mijn ervaringen met het werk altijd binnen de eerste lijn heeft gelegen heb ik ervaring bij de meest voorkomende klachten en ziektebeelden. Daarnaast ben ik gespecialiseerd in het behandelen van Coeliakie (glutenintolerantie). Naast mijn aspiranten lidmaatschap van het netwerk van diëtisten van de Nederlandse Coeliakie Vereniging, heb ik een zoon met Coeliakie.

Verder zie ik er naar uit om me zelf te blijven uitdagen in een vak dat in beweging is en blijft en me verder te ontwikkelen op diverse gebieden.  Al met al genoeg uitdagingen om aan te gaan.

Ik heb er zin in!!

 

Productverbetering; minder zout, suiker en verzadigd vet

In Europa is Nederland voorloper als het gaat om productverbetering. Het bedrijfsleven werkt samen met de overheid structureel en stapsgewijs aan het verlagen van zout, suiker en verzadigd vet in levensmiddelen. Al sinds 2006 wordt er gewerkt aan het verlagen van toegevoegd zout. Inmiddels is de hoeveelheid zout in Goudse 48+kaas verlaagd met 22%, in brood met 25% en sinds 2011 is de hoeveelheid zout in groenteconserven ongeveer 33% verminderd. Aan vleeswaren is gemiddeld 21%minder zout toegevoegd en het verzadigd vetgehalte is met 9% gedaald. Vanaf de oogst van 2017 voegen producenten geen suiker meer toe aan zomergroenten in pot of blik. Er wordt nog gewerkt aan het verminderen van toegevoegd zout, suiker en verzadigd vet aan o.a. soepen, sauzen, snacks, conserven, kant-en-klaar-maaltijden, toetjes, vla en yoghurts, zuiveldranken en frisdranken. In het Akkoord Verbetering Productsamenstelling (2014) zijn afspraken gemaakt tussen overheid en bedrijfsleven om het productaanbod in z’n geheel gezonder te maken, waarmee het kiezen van gezonde voeding makkelijker moet worden.

Natuurlijk is het mooi en heel goed dat de overheid toeziet op de kwaliteit van ons voedsel en helpt om de gezonde keuze gemakkelijker te maken. Maar de allerbelangrijkste, beslissende stap om gezonde voeding tot een dagelijkse gewoonte te laten zijn ligt toch echt bij ons zelf. Durf eens kritisch te kijken naar je eigen eet- en drinkgewoontes! Voor de meeste mensen is al snel méér dan enkele procenten verlaging van zout, suiker en vet te behalen door een kleine bewuste verandering in je gebruikelijke eetpatroon. De eerste stap naar gezonder eten begint bij de dagelijkse boodschappen, waarbij ‘vers’ nog altijd de beste keuze is.

zout

De gemiddelde Nederlander krijgt met de dagelijkse voeding zo’n 9 gram zout per dag binnen. Eigenlijk is 6 gram zout per dag voor een volwassene een gezonde hoeveelheid.

Het is niet goed om te veel zout binnen te krijgen. Dit zorgt voor een verhoogde bloeddruk en hangt samen met een grotere kans op hart- en vaatziekten en nierfalen.

Keukenzout is het bekendste zout in de voeding. De scheikundige naam is natriumchloride (NaCl); het bestaat voor 1/3 deel uit natrium en 2/3 deel uit chloride. Het mineraal natrium is belangrijk voor het regelen van de vochtbalans in het lichaam. Om die reden wordt aanbevolen om bij een hoge bloeddruk en hartfalen slechts 6 gram zout(dat wil zeggen ongeveer 2400 mg natrium) te gebruiken. Bij ernstig hartfalen en nierfalen mag je zelfs maar 3 gram zout per dag! Daarbij speelt  natuurlijk ook een rol hoeveel iemand eet (hoe groter de inname hoe hoger de kans is dat diegene ruim natrium binnenkrijgt).

Maar het is goed voor iedereen om niet te veel zout te eten. Gemiddeld zit 80% van het zout dat we binnenkrijgen in het eten en drinken dat we kopen in de winkel of in de horeca. De overige 20% van het zout voegen we toe bij het koken of aan tafel. Zout werkt smaak verhogend, maar ook kruiden en specerijen geven gerechten meer smaak. Kruiden en specerijen zijn geschikt om keukenzout te vervangen. Kies dan wel de enkelvoudige kruiden zoals peper, nootmuskaat, kurkuma, knoflookpoeder en paprikapoeder, want de kruidenmengsels zoals gehaktkruiden, vleeskruiden en viskruiden bestaan vaak voor ruim de helft uit zout!

Voorbeelden van producten met ruim natrium zijn: pizza(gemiddeld bevat 1 pizza van 300 gram 1500mg natrium), bouillonblokjes( 1 kop gewone bouillon bevat 980 mg natrium), ketjap ( 1 eetlepel ketjap van 15 gram bevat 600 mg natrium), 1 loempia van 150 gram bevat 920 mg natrium),1 klein zakje chips naturel van 40 gram bevat 220 mg natrium, kant- en klaar maaltijden en sauzen uit een pakje en nog vele andere vooral kant- en klaar producten.

Als we het vlees vervangen met een vegetarisch kant en klaar product zal de hoeveelheid natrium in de voeding worden verhoogd. Namelijk een stukje vlees van 75 gram zonder zout bevat 50 mg natrium. Een stukje vlees met zout van 75 gram bevat 350 mg natrium. Maar een vegetarische schnitzel van 120 gram bevat 520 mg natrium.

Hongergevoel; welke soort honger heb ik nu eigenlijk?

Wist u dat er verschillende soorten honger te onderscheiden zijn?

Wij hebben het hier niet over de honger door ernstig voedseltekort, ’n schrijnend probleem voor grote delen van de wereldbevolking. Maar over de vraag of je eigenlijk wel honger hebt als je gaat eten.

Weet waarom je eet! Aandacht en bewust zijn over welke soort honger je voelt kan helpen om je eetgewoonten te veranderen. Als je vaker eet terwijl je lichaam geen echte honger heeft raakt je lichaam uit balans. Met meer kennis over de soorten honger kun je onderscheid maken tussen de “echte honger” (maaghonger), waarbij je lichaam het signaal geeft dat er voeding nodig is om lichaam en geest goed te laten functioneren, en alle andere soorten honger. Enkele voorbeelden zijn:

Zintuigenhonger: zintuigen (oog, neus, oor, mond) vangen prikkels op die de eetlust opwekken zoals de geur van patat, het gebakje in de koelvitrine bij de bakker, het genot van zoet en vet in chocolade.

Luchthonger: lucht in je maag of darmen die zich verplaatst veroorzaakt rumoer en geluid

Afterparty-honger: als je een periode meer gegeten hebt dan normaal krijg je sneller weer trek. Door te weinig slaap en alcoholgebruik wordt dit hongergevoel nog sterker.

Valse honger: in onze hersenen wordt honger en dorst op dezelfde plek geregeld. Honger en dorstprikkels lijken erg op elkaar, waardoor men zich kan vergissen en gaat eten terwijl er eigenlijk alleen vocht nodig is.

Gewoontehonger: eten, niet omdat je honger hebt, maar omdat het zo is aangeleerd of zo ‘hoort’, of omdat iedereen het zo doet in bepaalde situatie of omgeving of bij traditie of ritueel.

Bij “echte honger” heeft je lichaam behoefte aan ‘n gezonde voedzame maaltijd. Bij dorst is altijd vocht nodig. Bij twijfel over je hongergevoel helpt het vaak om eerst een flink glas water te drinken. Met meer aandacht voor je eigen hongergevoel en meer bewust zijn over het gevoel van verzadiging is het makkelijker om eetgewoonten te veranderen.

 

Tarwegevoelig of glutenintolerant, wat is het verschil?

Het veelvuldig foutief gebruiken van de term glutenovergevoeligheid is opvallend. Wat zijn de verschillen nu eigenlijk tussen gluten en fructanan?

Gluten zijn de eiwitten in bepaalde graansoorten die verantwoordelijk zijn voor de stevige structuur van het deeg dat er mee gemaakt wordt. Mensen die coeliakie hebben, zijn overgevoelig voor gluten. Wanneer ze gluten eten zorgt hun immuunsysteem voor het beschadigen van de dunne darm. Mensen die geen coeliakie hebben maar wel opknappen van glutenvrij eten ervaren dat hun darmen minder hard hoeven te werken, hebben minder een opgeblazen gevoel en voelen zich over het algeheel gewoon lekkerder in hun vel. Maar of dat te maken heeft met de gluten… daar zijn de meningen over verdeeld. Door glutenvrij te eten knappen ze op, maar veel mensen blijven buikklachten houden. Bijvoorbeeld wanneer ze iets eten met ui, knoflook, watermeloen, spruitjes, bietjes en prei. Maar daar zitten helemaal geen gluten in…

Fructanen: Wat er wel in zit, dat zijn fructanen. Fructanen zijn specifieke korte ketens koolhydraten die ook in tarwe zitten, en in veel andere voedingsmiddelen, zoals die hierboven genoemd. Onze darmen kunnen de frunctanen niet afbreken. Voor de meeste mensen is dat geen enkel probleem, maar mensen met prikkelbare darmen kunnen hier veel klachten van krijgen. In glutenvrij eten zitten minder fructanen, vandaar dat er vaak gedacht wordt dat glutenvrij eten dé oplossing is. Maar dit klopt dus niet.

Het is ongelooflijk belangrijk om het verschil uit te zoeken of het tarwe eiwit het probleem is of de tarwe koolhydraat. In beide gevallen betekent dit een heel andere voeding.

’n Andere kijk op ontstaan van overgewicht, nieuwe inzichten

Overgewicht is nog steeds een van de grootste volksgezondheidsproblemen. In 2015 had

in Nederland 12% van de kinderen en 50% van de volwassenen overgewicht. Het blijkt dat kleine verschillen in de dagelijkse energie-inname ten opzichte van het verbruik van calorieën bij kinderen op de lange termijn zorgen voor het al dan niet ontwikkelen van overgewicht.

Wetenschappelijk onderzoek* naar risicofactoren die een rol spelen bij het ontwikkelen van overgewicht geeft nieuwe inzichten. Zo is gebleken dat genen een rol spelen bij overgewicht. Er zijn genetische verschillen tussen mensen ontdekt die bepalen in welke mate men het voedsel doelmatig kan afbreken, opslaan en uiteindelijk dus in welke mate men mogelijk overgewicht kan ontwikkelen. Overigens is het niet zo dat mensen met de genetische ‘aanleg’ voor overgewicht ook altijd overgewicht krijgen. Zij ontwikkelen het misschien makkelijker, maar uiteindelijk kunnen deze mensen door bewust gezond te eten en voldoende te bewegen ook overgewicht voorkomen.

Omgevingsfactoren blijken ook een belangrijke rol te spelen in het risico voor overgewicht. In een ongezonde dikmakende omgeving zoals supermarkten, kantines, maar ook in winkelstraten en stations is het een grote uitdaging om telkens weer de juiste maat te houden en gezonde keuzes te maken.

Een gezondere voedingsomgeving kan mensen helpen om de betere keuze te maken en min of meer onbewust gezonder te eten. Zo is afgelopen jaren ondermeer het aanbod van voeding op scholen verbeterd, waarbij de gezonde keuze makkelijker wordt gemaakt (‘nudging’).

Tegenwoordig is er veel informatie over voeding beschikbaar en wordt kennis en ervaring gedeeld via sociale media over de samenstelling van een gezond voedingspatroon. Maar in hoeverre is al die informatie en kennis betrouwbaar?! En wat kun je er zelf aan doen om je eigen voedingsomgeving te verbeteren? Een diëtist kan je verder helpen bij vragen over een gezond voedingspatroon in het algemeen en voor ieder persoonlijk.

*(Saskia van den Berg, RIVM, Tammenga-van den Berg SW.Diet and overweight.Epidemiological studies on intake, environment and genetics. PhD Thesis, Utrecht University. May 2016).

Vitamine D, zeker in de winter!

Ons hele leven lang hebben we vitamine D nodig. Vitamine D is niet alleen belangrijk voor sterke botten en tanden, maar is ook nodig voor het goed functioneren van spieren en zenuwen, voor de aanmaak van lichaamscellen, voor hormonen, bloedstolling, immuunsysteem en onze weerstand .

Ons lichaam kan zelf vitamine D aanmaken in de huid. Daarvoor is wel iedere dag zo’n 15 tot 30 minuten blootstelling van hoofd en handen nodig aan zonlicht met voldoende UV-straling. De meeste mensen komen in de winter onvoldoende in de zon. En in Nederland is de zon ’s winters niet krachtig genoeg om voldoende vitamine D in de huid aan te maken. Veel mensen hebben daarom juist in de winter en het voorjaar lagere vitamine D-spiegels in hun bloed. Vermoeidheid, verminderde weerstand, pijn in spieren en gewrichten en bloedend tandvlees kunnen symptomen zijn van een tekort aan vitamine D.

Sommige mensen hebben meer vit D nodig dan anderen. De Gezondheidsraad adviseert dagelijks 10 mcg vitD-suppletie voor kinderen tot en met 3 jaar, zwangeren, vrouwen vanaf 50 jaar, alle mensen met een getinte of donkere huidskleur en mensen die niet genoeg buiten komen. Iedereen vanaf 70 jaar wordt dagelijkse  20mcg vit D aanbevolen. Vitamine D3 (ofwel cholecalciferol) op oliebasis is de meest effectieve en de best opneembare vorm van vitD.

Vitamine D zit van nature vooral in vette vis zoals haring, makreel, paling, en zalm. En in mindere mate ook in eieren, lever, vlees, boter en volle melkproducten. Bovendien wordt in Nederland vit D industrieel toegevoegd aan halvarine, margarine en bak-en-braadproducten.

Zeker in de wintermaanden is aandacht voor voeding met voldoende vit D dus geen overbodige luxe.